Schip vervoert mogelijk wapens naar Israël: 'Rotterdam kan wegkijken of verantwoordelijkheid nemen'
In dit artikel:
Het containerschip Gibraltar van rederij Maersk ligt in de Amazonehaven op de Maasvlakte en is het mikpunt van meerdere pro-Palestijnse actiegroepen. De Rotterdam Palestina Coalitie, Geef Tegengas en bondgenoten vragen burgemeester Carola Schouten, het Havenbedrijf Rotterdam en de douane om meteen te onderzoeken of één van de containers militaire lading bevat die bestemd zou zijn voor een wapenfabriek in het Israëlische Ramat Hasjaron. Als zich bevestigt dat het om wapens of andere dodelijke goederen gaat, willen de organisaties dat het schip worden tegengehouden voordat het weer vertrekt. Zij betogen dat Rotterdam niet de rol van doorvoerhaven mag spelen voor materieel dat gebruikt wordt bij ernstige mensenrechtenschendingen.
Begin deze week is het Maersk-kantoor aan de Boompjes opnieuw beklad en zijn ruiten vernield; of dat verband houdt met het Gibraltar-schip is onduidelijk. De oproep tegen het schip sluit aan bij eerdere verontwaardiging over Maersk-transporten via Rotterdam. Vorig jaar leidde het containerschip Izmir tot veel protesten: dat vaartuig vervoerde volgens later bevestigde informatie onderdelen van F-35-gevechtsvliegtuigen vanuit Israël, wat in de stad tot demonstraties, bekladde panden en tientallen aanhoudingen leidde.
De zaak van de Izmir wekende discussie in de gemeenteraad toen aanvankelijke douane-informatie onjuist bleek; Maersk verdedigde de vervoerspraktijk en noemde deze onderdeel van een internationaal programma waarin meerdere landen, waaronder Nederland en Israël, zijn betrokken. De huidige oproep van actiegroepen legt opnieuw druk op lokale autoriteiten om transparantie en mogelijk ingrijpen te eisen bij vermoedens van militair transport door de haven.