Alsnog straf voor bedreiger Wilders dankzij nieuw bewijs
In dit artikel:
Een 28‑jarige Rotterdammer (B.E.) is door het gerechtshof in Den Haag schuldig bevonden aan het bedreigen van PVV-leider Geert Wilders. De man krijgt een taakstraf van zestig uur en twee weken gevangenisstraf voorwaardelijk. Eerder sprak een rechter in Rotterdam hem in maart 2025 vrij wegens gebrek aan onomstotelijk bewijs.
De zaak heeft betrekking op een dreigmail die Wilders op 9 november 2024 ontving, de ochtend na de rellen rond de wedstrijd Ajax–Maccabi Tel Aviv. Rechercheurs traceerden de afzender naar B.E.; hij verklaarde dat tijdens een nachtelijk feestje mogelijk iemand anders via zijn telefoon geschreven zou hebben. In hoger beroep legde het Openbaar Ministerie uitlezingen van zijn telefoon voor: die tonen dat hij ten tijde van het bericht thuis was in Rotterdam‑Bloemhof, ruim een kilometer verwijderd van het feestadres. Het hof vond geen aanwijzing dat een ander zijn toestel had gebruikt en concludeerde dat hij de mail zelf verstuurde.
Het gerechtshof legde een zwaardere taakstraf op dan het OM had gevraagd, omdat de verdachte zich bewust was van de langdurige impact van bedreigingen op Wilders’ bewegingsvrijheid en omdat dreigingen tegen politici het democratisch proces kunnen schaden.