Deze jongeren laten het nachtleven links liggen: '100 euro voor avondje uit is te veel'

zaterdag, 18 april 2026 (19:22) - RTV Rijnmond

In dit artikel:

Een avondje uit in Rotterdam loopt voor veel jongeren snel in de honderden euro’s: studenten vertellen dat ze vaak tegen de 100 euro aan zitten door dure cocktails (rond €15 per stuk) en hoge vervoerskosten. Voor sommige studenten betekent dat minder naar clubs gaan; in het restaurant van de Hogeschool Rotterdam spelen vier jonge mannen liever kaartspelletjes dan de deur uit te gaan. Anderen geven aan dat ze wel eens uitgaan, maar door sport, studie of herstel van een avond toch bewust terugschroeven.

Transport speelt een grote rol: wie buiten de stad woont betaalt vaak extra voor de terugreis. De nachtbus, die tijdens corona werd afgeschaft, rijdt sinds september 2025 weer tussen Rotterdam Centraal en 13 bestemmingen en pendelt op vrijdag- en zaterdagnacht elk uur tussen kwart voor één en zes uur ’s ochtends. Volgens de RET is het aantal reizigers terug op het niveau van voor de afschaffing en zelfs hoger dan verwacht, maar veel jongeren wisten de terugkeer nog niet.

Naast kosten noemen jongeren ook gezondheid en veiligheid als redenen om minder uit te gaan. Verstoorde nachten beïnvloeden studieprestaties en sport, en sommigen ervaren sombere gevoelens na het stappen. Anderen voelen zich onveilig in bepaalde uitgaanssituaties, bijvoorbeeld wanneer het lastig is om veilig naar huis te komen of doordat locaties slecht verlicht zijn.

De gemeente en lokale organisaties pakken de veiligheid in het nachtleven op verschillende manieren aan. Er is een Panel Deurbeleid dat zich richt op sociale en fysieke veiligheid; personeel in clubs krijgt trainingen waarvan een deel door de gemeente wordt gesubsidieerd. Tijdens weekendnachten is er een Safe’R Spot nabij de Lijnbaan en het Stadhuisplein waar mensen terechtkunnen na onaangename ervaringen of voor lichte medische hulp. Daarnaast komen er gemeentelijke subsidies om nieuwe clubprogrammering te ondersteunen en jong publiek aan te trekken.

Nachtburgemeester Thys Boer erkent de financiële druk op jongeren en de economische krapte bij clubhouders: inkomsten dalen doordat er minder bezoekers komen, terwijl kosten (huur, salarissen) stijgen. Toch is hij optimistisch: er openen nog steeds nieuwe clubs en subsidies moeten ruimte bieden voor veiliger, aantrekkelijker en cultureler uitgaansaanbod. Boer ziet het nachtleven niet alleen als horeca maar ook als ontmoetingsplek waar sociale contacten en zelfontdekking plaatsvinden — reden genoeg om te investeren in behoud en verbetering.