Gratis parkeren in Rotterdam: nieuwe P+R Diergaarde Blijdorp opent voor zomer
In dit artikel:
Vanaf juni kunnen bezoekers gratis parkeren bij Diergaarde Blijdorp: de gemeente en de dierentuin hebben met elkaar afgesproken 250 parkeerplaatsen als P+R beschikbaar te stellen. De locatie ligt vlak bij de A13 en A20; tijdens de spits rijdt er negen keer per uur een bus naar Rotterdam Centraal (buiten de spits acht keer per uur), met een reistijd van ongeveer tien minuten. Parkeren is kosteloos wanneer reizigers daarna verdergaan met bus, deelscooter of deelfiets; wie rechtstreeks de auto in de stad gebruikt, betaalt een dagtarief van €12,50. De overeenkomst loopt tot juni 2028.
De maatregel past in het stadsbestuur’s streven om centrum en oude wijken autoluwer te maken: door auto’s aan de stadsrand te laten stoppen moet verkeer in smalle straten verminderen en de luchtkwaliteit verbeteren. De keuze voor Blijdorp is geen toeval: het college beloofde vier jaar geleden deze plek te onderzoeken. Tegelijkertijd wordt op andere knooppunten geïnvesteerd: Meijersplein en Kralingse Zoom krijgen elk 500 extra parkeerplekken; Meijersplein wordt later dit jaar uitgebreid, de startdatum voor Kralingse Zoom is nog onbekend.
Voor Diergaarde Blijdorp komt de P+R ook financieel gelegen. De dierentuin leed de afgelopen jaren verlies en kon daardoor groot onderhoud, zoals aan het Oceanium, onvoldoende uitvoeren. De gemeente gaf vorig jaar een lening van bijna €5 miljoen en stelde een herstelplan op; de P+R moet helpen de parkeerplaats efficiënter te benutten en zo extra inkomsten en gebruikswaarde opleveren, aldus de financiële directie van Blijdorp.
Politieke partijen maken van P+R een verkiezingsthema: DENK en D66 willen meer locaties in onder andere Hoogvliet en Oost; D66 vraagt ook om meer overdekte fietsenstallingen bij zulke hubs. GroenLinks-PvdA pleit voor betere vindbaarheid en afspraken met vervoerder RET. Leefbaar Rotterdam benadrukt kwaliteit en ruimte, terwijl de VVD stelt dat binnenstedelijke parkeerplaatsen pas mogen verdwijnen als er eerst voldoende goede P+R-alternatieven zijn.