Haven Rotterdam verliest bunkervraag door hoge kosten RED III
In dit artikel:
De kosten voor conventionele scheepsbrandstoffen in de haven van Rotterdam zijn sterk gestegen sinds Nederland op 1 januari 2026 de Europese RED III-verplichtingen invoerde. Daardoor wijken rederijen en handelaren voor hun bunkers steeds vaker uit naar Antwerpen en Hamburg, meldt S&P Global Energy op basis van gesprekken met marktpartijen.
Nederlandse bunkerleveranciers moeten de broeikasgasuitstoot van geleverde fossiele brandstoffen met 2,9 procent verlagen. Wie daarvoor niet genoeg biobrandstof bijmengt, moet zogenoemde ZRE-Advanced-eenheden aankopen. De prijs van die compliance-eenheden steeg tussen 27 juli en 8 september met bijna 138 procent tot 27,10 eurocent per kilo CO2-equivalent. De markt is klein en ondoorzichtig, terwijl onzekerheid bestaat over de benodigde hoeveelheid en nieuwe kopers de vraag vergroten.
Op 8 september waren HSFO, VLSFO en marine gasoil in Rotterdam gemiddeld 25 dollar per ton duurder dan in Antwerpen, tegenover 17 dollar begin september. Volgens berekeningen van S&P Global kwamen de theoretische kosten van RED III uit op 36,69 dollar per ton MGO en 34,80 dollar per ton VLSFO.
Belgiƫ heeft RED III uitgesteld en Duitsland verplicht bunkerleveranciers voor de internationale scheepvaart niet om eraan te voldoen. Handelaren spreken daarom van een ongelijk speelveld. Zij zien steeds meer volumes naar Belgiƫ verschuiven, waarbij vooral de Rotterdamse vraag naar hoogzwavelige stookolie onder druk staat. De regels verschillen bovendien van FuelEU Maritime, waaronder scheepseigenaren via onder meer pooling of bunkeren in andere havens aan hun verplichtingen kunnen voldoen.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp In de Wandelgangen kritisch op Rob Jetten: 'Waarom is hij nergens?!'