Hoe het kan dat mensen zonder Nederlands paspoort mogen stemmen: 'Het systeem is gek'

woensdag, 11 maart 2026 (16:51) - RTV Rijnmond

In dit artikel:

Sean Kelly (32) en Benedict Russell (30), beide Britten die ruim zeven jaar in Rotterdam wonen maar geen Nederlands paspoort hebben, kregen tot hun verrassing een stempas in de bus. Daardoor mogen zij op 18 maart voor het eerst meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen: Nederland kent voor lokale verkiezingen een uitzondering waardoor niet-Nederlanders wel stemrecht kunnen hebben.

De regels staan toe dat EU-burgers van 18 jaar en ouder die in Nederland staan ingeschreven mogen stemmen, en dat niet-EU-burgers stemrecht krijgen zodra zij minimaal vijf jaar in Nederland wonen. Sean en Benedict vallen onder die laatste categorie. Beiden hebben zich actief voorbereid: ze gebruikten de Stemwijzer, lazen politiek nieuws met vertaalhulp en spraken veel met Nederlanders om zich een beeld van het lokale politieke landschap te vormen. Ze vinden het lastig om goed geïnformeerd te raken, vooral omdat er in Nederland veel partijen zijn en lokale politiek vaak moeilijker te doorgronden is dan in het Verenigd Koninkrijk.

Motivatie om te stemmen komt bij hen voort uit plichtsbesef en de wens om onderdeel te zijn van de Nederlandse maatschappij. Ze noemen het frustrerend dat ze eerder politiek weinig invloed hadden, zowel in het VK als toen ze in Nederland nog niet konden stemmen. Voor Benedict is meedoen aan politiek ook een manier om zich actief te verbinden aan de cultuur van zijn woonland.

Hoewel Sean en Benedict gemotiveerd zijn, is lagere opkomst onder kiezers met migratieachtergrond een bekend patroon: deze groep verschijnt bij verkiezingen structureel minder vaak aan de stembus dan autochtone Nederlanders. Tegelijkertijd vormt de groep niet-Nederlandse kiesgerechtigden in steden als Rotterdam een aanzienlijke factor: onderzoek van het FD telt 65.711 kiesgerechtigden zonder Nederlandse nationaliteit in Rotterdam — genoeg om ruwweg zes van de 45 raadszetels te beïnvloeden.

Daarom wordt er op lokaal niveau meer gedaan om internationals te bereiken. In de Rotterdamse Centrale Bibliotheek is een oefenstemhok ingericht voor mensen die geen Nederlands spreken, en sommige partijen voeren campagne in het Engels. In andere steden vinden zelfs Engelstalige debatten tussen lijsttrekkers plaats; in Rotterdam gebeurt dat niet structureel, maar partijen zoals GroenLinks-PvdA plaatsten al Engelstalige campagnematerialen gericht op internationals. Burgemeester Carola Schouten benadrukte dat veel nieuwkomers in hun thuisland nooit automatisch stemrecht hadden en dat het belangrijk is om hen wegwijs te maken.

Historisch gaat het stemrecht voor niet-Nederlanders terug tot 1985. Jurist André Donner opperde het idee al in 1974, en bij de eerste gemeenteraadsverkiezingen na de invoering (1986) kwamen direct tientallen raadsleden uit migrantengemeenschappen in de gemeenten terecht.