Hoe krijgt Rotterdam de kiezer weer naar de stembus? 'We voeren non-stop campagne'

zondag, 15 maart 2026 (08:51) - RTV Rijnmond

In dit artikel:

Rotterdam noteert al jaren de laagste opkomst bij gemeenteraadsverkiezingen in Nederland; de vorige verkiezingen vormden met minder dan 40 procent een historisch dieptepunt. De gemeenteraad liet daarop onderzoek doen. Politicoloog Hans Vollaard noemt gebrek aan vertrouwen en interesse in de lokale politiek als belangrijke oorzaken, aangevuld door demografische factoren: jongeren, praktisch opgeleiden en mensen met een migratieachtergrond — groepen die in Rotterdam relatief veel voorkomen — stemmen minder vaak.

Er is geen snelle oplossing. Vollaard spreekt van een lang traject: politiek vertrouwen moet worden teruggewonnen door serieus te luisteren naar bewoners en consequent terug te koppelen wat er met hun klachten en wensen gebeurt. Onderzoekers benadrukken bovendien dat het niet alleen om het totaalpercentage gaat, maar om wie wel en niet stemmen: ouderen, hoogopgeleiden en mensen zonder migratieachtergrond zijn oververtegenwoordigd, wat invloed heeft op welke belangen in de raad worden gehoord.

Politieke partijen zetten deze campagne expliciet in op zichtbaarheid. Posters, wijkbezoeken en opvallende onlinevideo’s moeten kiezers lokken. Leefbaar Rotterdam, onder lijsttrekker Ronald Buijt, kiest nadrukkelijk voor een tweestrijd met links en concentreert zich op buurten waar de partij traditioneel sterk staat (bijvoorbeeld Ommoord, Alexander, IJsselmonde). Buijt erkent dat vertrouwen niet met een week campagnes lukt en wijst op jarenlange wijkactiviteiten van zijn partij. GroenLinks-PvdA-kandidaat Mina Morkoç benadrukt dat haar fractie al jaren campagnevoert en met tachtig organisaties sprak om het verkiezingsprogramma te maken; zichtbaarheid in alle wijken en uitleg over wat de gemeenteraad beslist (bijvoorbeeld over miljardenbudgetten, woningbouw en groen) zijn volgens haar cruciaal om mensen te laten stemmen.

Tegelijkertijd signaleren onderzoekers en Vollaard dat partijen vaak juist wijkkeuzes maken op basis van waar hun potentiële stemmers wonen, waardoor gebieden met traditioneel lage opkomst minder aandacht krijgen. DENK onder leiding van wethouder en lijsttrekker Faouzi Achbar kiest bewust anders: die partij werkt actief in Rotterdam-Zuid en probeert bewoners beter bekend te maken met de lokale politiek en wat DENK voor hen doet. Buijt geeft toe dat ook zijn partij selectief campagnevoert en sommige arme wijken minder bezoekt.

De griffie van de gemeenteraad en het stadhuis proberen op andere manieren opkomst en betrokkenheid te vergroten: meer democratievoorlichting op scholen, mbo-studenten uitnodigen voor debatten, bijeenkomsten voor jongeren met schulden of zonder woonruimte, proefstemmen voor laaggeletterden in de centrale bibliotheek en wijkbezoeken door burgemeester Carola Schouten. Vollaard juicht het onderwijsaanbod toe: bij de basis beginnen om uit te leggen hoe lokale democratie werkt is volgens hem een verstandige investering.

Onderzoekers zoals Josje den Ridder (SCP) benadrukken dat brede opkomst belangrijk is voor de legitimiteit van besluitvorming; als slechts 40 procent kiest, draagt dat bij aan een gemeentebestuur dat niet door een meerderheid van alle inwoners wordt gedragen. Den Ridder wijst er ook op dat hoewel burgers verantwoordelijkheid hebben, structurele verschillen (kennis, tijd, zorgen) ervoor zorgen dat stemmen voor sommigen makkelijker is dan voor anderen.

Kortom: Rotterdam probeert met een mix van langdurige wijkgerichtheid, gerichte campagnes, onderwijs en outreach in achtergestelde buurten de opkomst te verhogen. Succes vereist volgens betrokkenen vooral geduld, gericht maatwerk en structurele vertrouwenwekkende stappen, omdat het probleem diepgeworteld is en invloed heeft op wie beslissingen neemt over belangrijke thema’s als woningbouw, veiligheid en openbaar groen.