Iris stopte met school om boer te worden: 'Ik werk liever met dieren dan met mensen'
In dit artikel:
Iris groeide tussen de koeien en wist al als kind dat ze boerin zou worden. Haar vader had ooit een boerderij in Bergambacht, maar moest verhuizen toen het dorp uitbreidde; met die opbrengst begon hij elders opnieuw, waar Iris opgroeide "tussen de koeien". Toen thuis een nieuwe stal werd gebouwd besloot ze na de havo en een korte hbo‑start niet dagelijks heen en weer te reizen, maar fulltime in het bedrijf te stappen en mee te helpen.
Ze benadrukt dat boeren veel meer kennis nodig hebben dan het stereotype doet vermoeden: van voeding en diergezondheid tot bodemkwaliteit en bedrijfsvoering. Zelf volgde Iris later een master en tal van cursussen; leren hoort voor haar jaarlijks bij het vak. Tegelijk worstelt ze met hoe het buitenstaanders zien: via social media krijgt ze vaak snelle, ongenuanceerde oordelen over boeren te horen. Om dat beeld te doorbreken houdt ze haar erf open — mensen mogen komen kijken, er is zelfs een plek voor campers — zodat bezoekers zelf kunnen zien hoe anders het is dan verwacht.
Het plattelandsleven en de stilte waardeert ze, maar de toekomst van het boerenbedrijf maakt haar bezorgd. Niet elk kind neemt het ouderlijk bedrijf over; loondienst kan vaak meer opleveren voor minder fysiek zware taken. Iris wil het bedrijf graag voortzetten en ziet haar dochter al meehelpen, maar raakt emotioneel bij de gedachte aan toenemende regelgeving en onzekerheid: "Ik vraag me af of er een toekomst is voor boeren." Voor haar blijft het werk onovertroffen: ze noemt het het mooiste dat er is, terwijl ze zich afvraagt of ondernemen in de landbouw onder huidige voorwaarden houdbaar blijft.