Is Amin Hamas-prominent of bevlogen hulpverlener? 'Dossier is sterk pro-Israël gekleurd'

woensdag, 15 april 2026 (19:22) - RTV Rijnmond

In dit artikel:

Het Openbaar Ministerie eist vier jaar gevangenisstraf (waarvan één jaar voorwaardelijk) tegen de 58-jarige Amin Abou R. uit Rotterdam wegens het financieel steunen van Hamas. Volgens het OM ging via een Rotterdamse stichting in totaal circa 8,4 miljoen euro naar organisaties in Gaza die nauwe banden zouden hebben met Hamas; steun die volgens de aanklager ook militaire activiteiten en jeugdvorming zou hebben gefaciliteerd. De rechtbank in Rotterdam neemt de tijd voor het vonnis en doet uitspraak op 27 mei.

De verdediging bestrijdt de aantijgingen resoluut en noemt de zaak sterk politiek geladen — pro-Israël, pro-VS en anti-islam — en meent dat er geen concrete, bewezen banden met Hamas zijn. Als bewijsmateriaal voert het OM onder meer een foto aan waarop Abou R. bij een viering van Hamas zit en interne telefoongegevens met veel contacten naar Gazaanse partijen. Abou R. verklaarde dat hij “niets met Hamas” heeft en dat groen op de foto een islamitische kleur was; zijn advocaten benadrukken dat contacten veelal functioneel waren omdat hulpverleners in Gaza toestemming van Hamas nodig hebben om te werken.

Een belangrijk twistpunt is de rol van Midden-Oosten-deskundige Ronald Sandee, wiens analyses door de verdediging worden bestempeld als niet-objectief. Advocaat Ralph Titahena haalde onder meer oude webpagina’s boven om banden van Sandee met partijen en oud-IDF-militairen aan te tonen. Ook ingezonden Israëlische stukken die hulporganisaties in Gaza kenmerken als in dienst van Hamas zijn door de rechter voorlopig buiten beschouwing gelaten; hun feitelijkheid kon vanwege de oorlogssituatie niet worden vastgesteld.

Het OM wijst daarnaast op één ontvanger, de Mercy Association for Children, en stelt dat de leider van die organisatie gelijktijdig een functie binnen Hamas bekleedde en dat foto’s duiden op militarisering van kinderen. De verdediging houdt vol dat breed Palestijns verzet niet automatisch gelijkstaat aan Hamas-steun en verlangt vrijspraak: er zou geen bewijs zijn dat de door Abou R. verzamelde goederen bij Hamas terechtkwamen. Abou R. zelf zei in zijn slotwoord dat hij onschuldig is en vroeg nadrukkelijk niet opnieuw naar de cel terug te keren — hij heeft al een jaar gevangenisstraf uitgezeten.