De 'schuldige' verslaggever: 'Ik wist het, ik woon er, ik ben gewaarschuwd en tóch... geflitst'

zondag, 19 april 2026 (09:22) - RTV Rijnmond

In dit artikel:

Ik woon vlakbij de flitspaal op de Walenburgweg in Rotterdam-Noord en kreeg ondanks een bewonersbrief toch een boete: 107 euro voor 10 km/u te hard rijden op een 30 km/uur-straat. Ik ben niet de enige: in drie maanden tijd deelde de gemeente bijna 34.000 boetes uit – goed voor ruim twee miljoen euro als je uitgaat van de laagste boetecategorie. Veel bestuurders blijken verrast, terwijl de borden er al jaren hangen.

Wethouder Pascal Lansink‑Bastemeijer (Handhaving en Mobiliteit) noemt het hoge aantal boetes merkbaar, maar nodig: Rotterdam handhaaft nu voor het eerst breed op 30 km/uur en ziet dat overtredingen dalen. In januari reed nog 1 op de 13 automobilisten te hard; drie maanden later was dat 1 op de 45. Het totaal aantal overtredingen zakte van 16.000 naar 5.600. De gemeente benadrukt dat het doel gedragsverandering en verkeersveiligheid is, niet inkomsten. Op 30 km/uur is de kans op ernstig letsel of overlijden veel kleiner, zegt de wethouder, en kwetsbare weggebruikers zoals fietsers, e-bikers, scooterrijders en voetgangers lopen het grootste risico.

Gedragsonderzoeker Inge Merkelbach (Erasmus Universiteit) verklaart waarom automobilisten massaal ‘verrast’ worden: autorijden is vaak automatisch, en wie gewend is aan 50 km/uur rekent onvoldoende op langzamere zones — zeker als de weg nog comfortabel aanvoelt. De gemeente heeft op de Walenburgweg borden en wegaanpassingen aangebracht, maar een glad wegdek nodigt uit iets te hard rijden, met als gevolg dat flexibele flitsers veel overtreders vangen.

Voor sommige bewoners kwam de les hard aan: één man had in korte tijd ruim 800 euro aan boetes en moest een betalingsregeling treffen. Merkelbach erkent dat boetes onaangenaam zijn maar stelt dat ze effectief kunnen zijn als ze samengaan met duidelijke communicatie, herhaling van de boodschap en fysieke maatregelen zoals drempels, zodat langzamer rijden een gewoonte wordt. Uit haar onderzoek blijkt ook dat een meerderheid van Rotterdammers voor zachter rijden is, maar mensen denken vaak dat ‘de ander’ harder rijdt — terwijl in de praktijk veel mensen zelf ook te hard gaan.

Het Openbaar Ministerie wijst erop dat overtredingen op 30 km/uur zwaarder worden bestraft omdat fietsers en voetgangers dichter bij auto’s bewegen; overtredingen vormen directer gevaar voor kwetsbaren. Vorig jaar verlaagde Rotterdam op nog eens 115 straten de snelheid naar 30 km/uur. De wethouder hoopt dat naarmate steeds meer straten 30 worden, dit als normaal wordt gezien en het gewenningseffect inzet: “Dat het iets Rotterdams wordt en meer mensen zich eraan houden.”