Petra (49) is eenzaam en begint stiekem een erotische relatie met een patiënt: 'Ik vond hem een mooi mens'
In dit artikel:
De 49-jarige Petra uit Molenlanden stond voor de meervoudige rechtbank terecht wegens seksueel misbruik van Albert, een patiënt in de zorginstelling waar zij als begeleider werkte. De zaak was opvallend omdat vrouwen veel minder vaak voor een dergelijke beschuldiging terechtstaan. Petra erkende vanaf haar eerste politieverhoor dat zij ongeveer twee maanden een seksuele relatie met Albert had gehad.
Volgens haar ontstond de relatie vanuit gesprekken over eenzaamheid, trauma en haar ongelukkige huwelijk. Albert had PTSS en woonde in de instelling. Na verloop van tijd werd het contact intiem: de twee zoenden en hadden verschillende vormen van seks. Uit duizenden appjes bleek volgens de rechtbank dat er sprake was van wederzijdse affectie en dat beiden elkaar hun liefde verklaarden. Petra zei dat zij van Albert hield en dat hij haar vertelde dat zij hem kracht en levenslust gaf.
De relatie bleef geheim binnen de instelling. Petra wilde uiteindelijk haar baan opzeggen om buiten de instelling met Albert verder te gaan. Ze spraken over samenwonen en een huwelijk en kochten samen een sieraad als teken van hun verbondenheid. Albert trok zich echter terug en verbrak het contact, vermoedelijk omdat de verwachtingen en de gevolgen van Petra’s scheiding hem te veel werden. Petra raakte daarna depressief en verloor haar baan. De zorginstelling ontsloeg haar op staande voet en deed aangifte; volgens de instelling zou zij niet meer in de zorg mogen werken.
Centraal in de zaak stond de aangescherpte zedenwetgeving. Seksueel contact kan strafbaar zijn wanneer sprake is van ontbrekende toestemming of afhankelijkheid, ook als er geen zichtbare dwang is. De officier van justitie verwees naar een andere zaak waarin een instellingseigenaar misbruik maakte van de functionele afhankelijkheid van een slachtoffer. Volgens de officier was deze zaak echter wezenlijk anders: Albert en Petra hadden een liefdesrelatie en er kon geen psychische druk of machtsmisbruik worden vastgesteld.
Ook Petra’s advocaat stelde dat Albert vrijwillig aan het seksuele contact deelnam. Petra was niet zijn persoonlijk begeleider en had geen zeggenschap over zijn dossier of verblijf. Albert had bovendien nooit aangifte tegen haar gedaan en verklaarde positief terug te kijken op hun tijd samen. Volgens de verdediging lag zijn grens niet bij het seksuele contact, maar bij de druk die zou ontstaan als Petra haar huwelijk daadwerkelijk zou beëindigen.
De officier eiste daarom vrijspraak. Petra sprak de rechtbank geëmotioneerd toe en zei dat ze zich door haar eenzaamheid en gevoelens had laten meeslepen. Ze was naar eigen zeggen haar baan, vrienden en zelfbeeld kwijtgeraakt en zag de zaak als een harde les.
De rechtbank deed uitzonderlijk snel uitspraak, nog dezelfde ochtend. Na tien minuten beraad werd Petra vrijgesproken. Volgens de rechters was niet bewezen dat Albert niet wilde of dat sprake was van strafbare afhankelijkheid. De rechtbankvoorzitter merkte op dat er in de zaak eigenlijk alleen verliezers waren.
Vandaag Inside: Xavi niet blij met nieuwe opzet interlandperiode: 'Het is gewoon te veel'