Rotterdam gaat strijd aan met foutparkeerders en schrijft recordaantal boetes uit
In dit artikel:
In Rotterdam is het aantal parkeerboetes de afgelopen tien jaar sterk toegenomen, van 160.000 in 2013 tot meer dan 580.000 in 2024, gemiddeld zo’n 1600 per dag. Vooral in de wijk Delfshaven zijn de boetes hoog; in de eerste vijf maanden van 2024 werden daar al 50.000 bekeuringen uitgedeeld. Deze toename komt doordat steeds meer gebieden binnen de ring betaald parkeren kennen, een beleidsmaatregel die in 2022 startte om overlast en wildparkeren te beperken. Gratis parkeerplekken, zoals op het Noordereiland, verdwijnen hierdoor geleidelijk.
De gemeente controleert inmiddels intensiever dankzij scanauto’s die sinds 2014 zijn ingevoerd en dagelijks door de stad rijden. Deze technologie maakt het eenvoudiger om foutparkeerders op te sporen, al wordt binnenkort geëxperimenteerd met nieuwe systeem die ook het parkeren buiten parkeervakken kan detecteren. Parkingbonnen zijn formeel geen boetes, maar naheffingsaanslagen die worden opgelegd als er niet of onvoldoende betaald is. Deze kosten bestaan uit een vast bedrag van €78,80 plus uurprijzen variërend van €2,16 tot €6,18, afhankelijk van de zone. Bewoners met een parkeervergunning, die zo’n tien euro per maand kost, hebben minder last van deze naheffingen maar ervaren wel schaarste aan parkeerplaatsen, vooral ’s avonds.
Automobilisten zoals Raj en Hanan ervaren de situatie als problematisch: te weinig plekken en hoge boetekosten die soms bewust worden meegekalkuleerd. Hanan heeft bijvoorbeeld vier boetes gekregen omdat ze haar auto kortstondig fout parkeerde, ondanks een vergunning. Ook komt het voor dat naheffingen worden ingetrokken als er fouten zijn gemaakt, bijvoorbeeld bij het invoeren van het kenteken door automobilisten zelf. Zo’n tien procent van de aanslagen wordt uiteindelijk afgekeurd na bezwaar. De gemeente benadrukt dat de stijgende controle en de uitbreiding van betaald parkeerbeleid een reactie zijn op de parkeerdruk en overlast in de stad.