Deze Rotterdamse wijk kent grote problemen, toch wordt er nauwelijks gestemd
In dit artikel:
In Rotterdam is de opkomst bij de gemeenteraadsverkiezingen laag, en in sommige wijken zoals Bloemhof nog veel lager dan gemiddeld: bij de verkiezingen van 2022 stemde in de stad ongeveer 38 procent van de kiesgerechtigden, in Bloemhof slechts 26,6 procent (bron: Vers Beton). Bewoners noemen uiteenlopende oorzaken: onduidelijkheid over hoe en waarom je lokaal zou stemmen, taalbarrières, het gevoel dat stemmen weinig oplevert en praktische onbekendheid met de procedure.
Tegelijkertijd zijn bewoners van Bloemhof wel degelijk betrokken bij hun buurt, maar vooral via informele kanalen. Buurthuizen en wijkinitiatieven — wandelgroepen, creatieve clubs, wekelijkse bingo — vormen plekken waar mensen elkaar ontmoeten, problemen bespreken en hulp organiseren. Verschillende bewoners, zoals Corrie Verkerk, zetten zich al jaren actief in voor de wijk: zij organiseert activiteiten, helpt buren in nood en zorgde tijdens corona voor contact met kwetsbaren. Toch heeft Corrie al bijna 25 jaar niet gestemd: “Ik ben geen afhaker... ik haak juist in, alleen niet bij de politiek.”
Structurele woonproblemen zorgen ervoor dat politieke participatie minder prioriteit krijgt. Woningcorporatie Woonstad meldt dat meer dan 1.875 woningen in Bloemhof niet zijn onderheid en daardoor vatbaar voor verzakkingen; bewoners ervaren daardoor kapotte kozijnen, schimmel en onzekerheid over sloop- en herstelplannen. Zulke directe, dagelijkse zorgen drukken zwaarder dan abstracte bestuurlijke kwesties.
Onderzoekers zoals politicoloog Hans Vollaard wijzen erop dat het probleem deels een gebrek aan basiskennis is over wat de gemeente doet en wat een gemeenteraadsverkiezing betekent. Volgens hem gaat het er niet alleen om de opkomst te verhogen, maar om mensen in staat te stellen een geïnformeerde keuze te maken. De situatie in Bloemhof laat zien dat lage opkomst niet gelijkstaat aan desinteresse; betrokkenheid vindt vaak buiten de formele politiek plaats.