Ruud van der Velden werd raadslid vanwege zijn idealen, maar die kosten hem nu zijn politieke carrière
In dit artikel:
Ruud van der Velden, jarenlang zichtbaar als eenmansfractie in de Rotterdamse gemeenteraad, verlaat de actieve politiek nadat zijn nieuwe partij Vrede voor Dieren bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen geen zetel wist te bemachtigen. De teleurstellende nulzeteluitslag komt na een periode van principiële breuk met de Partij voor de Dieren, waar Van der Velden eerder zijn politieke loopbaan begon. De kern van die breuk lag bij de landelijke partijsteun voor miljarden aan defensie-uitgaven; volgens Van der Velden verlegt die koers de focus van dieren en natuur naar de mens en ondermijnt het het geweldloosheidsbeginsel dat hij centraal stelt.
Van der Velden, die zich in de raad profileerde als een principiële en soms compromisloze stem, zegt geen spijt te hebben van zijn vertrek bij de Partij voor de Dieren en van de oprichting van Vrede voor Dieren. “Ik kan mezelf elke dag in de spiegel aankijken,” benadrukt hij. Zijn stijl was erop gericht andere partijen scherp te houden, onderwerpen op de agenda te zetten en debat aan te jagen — rollen die volgens hem typisch zijn voor kleine fracties. Die aanpak leverde hem in 2020 de titel ‘beste raadslid van Rotterdam’ op en bracht concrete resultaten, zoals het initiatiefvoorstel voor het lobbyregister waarmee Rotterdam de eerste Nederlandse gemeente werd met zo’n register.
De politieke carrière van Van der Velden kende eerder ook al interne conflicten binnen de Partij voor de Dieren: als landelijk voorzitter botste hij met partijleider Esther Ouwehand, een onenigheid die leidde tot bestuurlijke veranderingen. Desondanks bleef hij trouw aan zijn overtuigingen en zette die vervolgens voort in Vrede voor Dieren, een partij die zich inzet voor dieren, natuur, milieu, kunst, cultuur en geweldloosheid.
Hoewel de verkiezingsuitslag een voorlopig eindpunt lijkt voor zijn raadslidmaatschap, beschouwt Van der Velden het verlies niet als definitief falen maar als een startpunt voor verdere opbouw van zijn partij. Hij wil het werk voor dieren en natuur voortzetten en geeft aan dat de campagne vooral tijd nodig had om kiezers te bereiken. Voorlopig neemt hij rust: naast politiek is hij kunsthandelaar en kijkt hij uit naar een bezoek aan een Parijse kunstbeurs. Of hij ooit weer op een kandidatenlijst verschijnt, laat hij open — eerst wil hij bijkomen en weer ruimte vinden voor andere aspecten van het leven.
Kort samengevat: een idealistische politicus verlaat de raad na een principiële scheiding van zijn oude partij en een electorale mislukking met zijn nieuwe initiatief, maar blijft vasthouden aan zijn waarden en de intentie om zijn beweging verder uit te bouwen.