Uitzonderlijk warme en droge zomer, maar waar zijn de onweersbuien?
In dit artikel:
Ondanks temperaturen boven de 30 graden bleef het deze zomer in Nederland opvallend vaak stil aan de hemel. Warmte alleen is namelijk niet voldoende voor stevige regen- en onweersbuien: daarvoor zijn ook veel vocht, onstabiele lucht en een aanleiding nodig die warme lucht omhoog duwt.
De lucht die vanuit het Europese vasteland naar Nederland stroomde, was geregeld droog. Ook de langdurige droogte speelde een rol. Door het gebrek aan regen zat er steeds minder water in de bodem en planten, waardoor op warme dagen minder vocht kon verdampen. De zon zorgde daardoor wel voor hitte, maar nauwelijks voor extra brandstof voor buien.
Daarnaast bepaalden hogedrukgebieden vaak het weer. Dalende lucht warmt op en wordt droger, waardoor de ontwikkeling van hoge buienwolken wordt onderdrukt. De straalstroom, die storingen en lagedrukgebieden verplaatst, lag tijdens de warme perioden bovendien vaak ten noorden van Nederland. Atlantische storingen trokken daardoor richting Scandinaviƫ, terwijl Nederland aan de rustige, droge kant bleef.
Het weer kan snel omslaan wanneer de straalstroom zuidelijker komt te liggen en een storing of koufront vochtige lucht aanvoert. Dan kan warme lucht opstijgen en alsnog zwaar onweer veroorzaken. In Scandinaviƫ ontstonden tijdens sommige warme perioden juist vaker buien, doordat warme zuidelijke en koelere noordelijke lucht daar samenkwamen.
De Oranjezomer: Raymond Mens kritisch op Rob Jetten: 'Hij is onzichtbaar, op moeilijke momenten hoor je hem niet!'