Rotterdamse band gaat de wereld over: 'Wie speelt er in fucking Moldavië? Nou, wij!'
In dit artikel:
De Rotterdamse post-punkband Tramhaus bestaat nog maar ongeveer zes jaar, maar toert inmiddels over de hele wereld. Oorspronkelijk gevormd tijdens de coronapandemie door zanger Lukas Jansen, drummer Jim Luijten, gitaristen Micha Zaat en Nadya van Osnabrugge en bassist Julia Vroegh, maakte het vijftal een snelle doorbraak na een semi-legaal concert tijdens lockdowns. Sindsdien speelden ze in tal van Nederlandse poppodia (onder meer Rotown, Maassilo, Annabel) en bouwden ze ook buiten Nederland een carrière op, zij het vaker vanaf nul: waar ze in Rotterdam regelmatig voor honderden tot duizenden mensen staan, beginnen ze in sommige buitenlandse steden voor kleine zalen.
Recent maakte de band een onfortuinlijk uitstapje naar de Verenigde Staten mee: tijdens een tourstop moesten ze een nacht in een Amerikaanse cel doorbrengen vanwege het verkeerde visum en werden daarna teruggestuurd naar Nederland. Het voorval illustreert de praktische uitdagingen van intensief internationaal toeren, iets wat de bandleden met bewondering en soms frustratie ervaren. Hun tourrooster is ambitieus: in maart trapten ze een Europese tour af in Hamburg en bezochten daarna landen als Polen, Tsjechië, Zwitserland, Frankrijk en België; in april speelden ze zelfs in Moldavië, Roemenië, Bulgarije en Griekenland — bestemmingen die volgens hen vooral om het avontuur draaien, niet altijd om winst.
Rotterdam blijft echter de voedingsbodem van hun muzikale identiteit. Dat zie je terug in teksten en titels: hun grootste hit 'Make it happen' verwijst naar de stadsslogan maar draait eerder om kritiek op het ideaal van onafgebroken hard werken dan om promotie van de slogan zelf. Het nummer haalde onlangs een miljoen streams op Spotify. Andere liedjes bevatten lokale verwijzingen: ‘Marwan’ gaat over een dakloze man uit de regio, en ‘Beech’ refereert aan poppodium De Beuk in Barendrecht.
De bandleden merken dat hun bandleven invloed heeft op hun verbondenheid met de stad: ze zijn minder vaak op de Binnenweg en in kroegen waar ze vroeger veel kwamen. Toch blijft thuiskomen waardevol; kleine rituelen zoals een broodje kroket bij een vaste snackbar geven houvast na lange tours. De bandnaam ontstond toevallig door een verspreking met de naam van de snackbar en de Britse band Traams — een anekdote die inmiddels onderdeel is van hun verhaal.
Musicaal ligt er een nieuw album in het verschiet dat volgens de band volwassener en gelaagder zal klinken dan hun debuutplaat The First Exit (2024). Wanneer ze weer in Rotterdam spelen is nog niet definitief, maar de verwachting is dat een terugkeer hoort bij de release van de nieuwe plaat.