Van pedicure en verzekeringsadviseur naar raadslid: 'Ik heb nul ervaring in de politiek'
In dit artikel:
De verkiezingscampagne is voorbij; nu begint voor nieuwe raadsleden het echte werk: debatten, moties indienen en samenwerken in gemeenteraad en fracties. Drie nieuwelingen uit verschillende gemeenten geven aan waar zij zich op willen richten en welke hobbels ze verwachten.
Rhodé Boer (27, Leefbaar Maessluys) verhuisde zes jaar geleden naar Maassluis en raakte gefrustreerd door verouderde wegen, fietspaden, bruggen en kades. Ze stond daarom op de kandidatenlijst van haar lokale partij en kwam door de flinke winst van Leefbaar Maessluys (op 18 maart 11 zetels) in de raad. Boer werkt als verzekeringsadviseur en is al fractiesecretaris; ze ziet uit naar de samenwerking met collega-raadsleden en het vooraf overleg dat tot draagvlak leidt, maar vreest ook het ongemak van lange vergaderingen en het teleurstellende moment dat een motie strandt. Ze wil geen grote beloften doen, maar wél strakker bestuur en het wegnemen van achterstallig onderhoud.
Emin Basoglu (34, SP, Rotterdam) drijft op een gevoel van onrecht: zijn ouders zaten in de bijstand en hij heeft persoonlijk te maken gehad met ingrijpende tegenslag na een amputatie na een aardbeving. Die ervaringen vormen zijn motivatie om gemeentelijk beleid voor kwetsbare groepen te veranderen. Zijn prioriteit is betaalbaar wonen: een bouwstop voor sloop, aanpak van leegstand, meer optoppen en splitsen, en het onderzoeken van een gemeentelijke wooncoöperatie zonder winstbejag. De SP behield in Rotterdam maar één zetel, dus Basoglu rekent op het indienen van voorstellen waar burgers achterstaan en op het smeden van meerderheden ondanks zijn beperkte zetelaantal.
Nancy Matena (56, PVV, Papendrecht) raakte politiek betrokken nadat in haar buurt een asielzoekerscentrum (azc) kwam en zij negatieve ervaringen had met bewoners. Zonder eerdere politieke ervaring — ze werkt als pedicure en leest zich nu in op raadswerk — kwam ze onverwacht in de raad toen de PVV van nul naar zes zetels steeg en de grootste werd. Haar aandacht gaat uit naar overlast en veiligheid; ze wil met inwoners praten, dossiers inzien en zich maximaal inzetten om het azc-vraagstuk te adresseren, ook al erkent ze dat landelijke wet- en regelgeving grenzen stelt.
Alle drie illustreren ze hoe lokale kwesties — onderhoud van infrastructuur, huisvesting en veiligheid — kiezers en nieuwkomers in de politiek drijven. Ze staan aan de vooravond van leren door doen: moties schrijven, coalities vormen en de grenzen van gemeentelijke bevoegdheden afwegen tegenover verwachtingen uit de kiesstrijd.