Verdachten van aanslag bij Rotterdamse synagoge hebben bekend
In dit artikel:
Vier van de zes verdachten van de explosie bij de synagoge in Rotterdam op 13 maart hebben tijdens de eerste zitting in de rechtbank bekend. De verdachten, tussen de 17 en 23 jaar oud — vijf uit Tilburg en de oudste uit Amsterdam — zeggen echter niet geweten te hebben dat het om een synagoge ging. Twee medeverdachten, die volgens justitie een faciliterende en coördinerende rol zouden hebben, zwijgen nog. De zaak van de minderjarige verdachte verloopt achter gesloten deuren.
Het Openbaar Ministerie kwalificeert de explosie als een terreuraanslag omdat die bedoeld zou zijn om de Joodse bevolking ernstige vrees aan te jagen. Bij de ontploffing op het A.B.N. Davidsplein waren een cobra 6 (een krachtig vuurwerk/explosief) en een fles benzine gebruikt; dankzij snel politieoptreden werd een tweede explosie bij de synagoge aan de Mozartlaan voorkomen en konden vier verdachten direct worden aangehouden. Justitie stelt dat de vier uitvoerders 3.000 euro zouden ontvangen hebben voor de actie.
De aanslag werd opgeëist door de pro-Iraanse groepering Harakat Ashab al-Yamin al-Islamiya (HAYI); beelden en een claim verschenen circa 45 minuten later op een Telegramkanaal. Hoewel er in maart en april ook explosies waren bij joodse instellingen in Amsterdam en Nijkerk, ziet het OM vooralsnog geen verband tussen die incidenten en deze verdachten.